Een initiatiefgroep onder leiding van Manicel Simon heeft zondag een ontmoeting gehad met Bansi-Durga en VHP-parlementariër Radjendrekoemar Debie. Problemen, waarmee de landbouwers dagelijks te maken krijgen werden besproken. De burgermoeder heeft steun toegezegd aan de groep.
Frannses Horacius, woordvoerder van de Haïtianen, hekelde het feit dat een politicus hen in het openbaar heeft beschuldigd. “den e pina leki dagu ini Haïti“. Bansi-Durga verzekerde hen dat de regering-Santokhi/Brunswijk niet met zulke ogen kijkt naar deze groep. “Integendeel, de regering is zeer ingenomen met de bijdrage die deze landbouwers leveren aan land en economie in deze moeilijke tijd.”
De ongeveer 150 Haïtianen die in Saramacca aan landbouw doen, hebben ruimte om met districtscommissaris Sherin Bansi-Durga te praten. Bij zijn bezoek aan het district op 19 juli in verband met de vergadering van de Agrarische Adviesraad heeft minister Prahlad Sewdien van Landbouw, Veeteelt en Visserij de burgermoeder geadviseerd om de Haïtiaanse boeren volledig te betrekken bij het te voeren beleid. Er zal een vertegenwoordiger van deze groep worden opgenomen in de adviesraad.
Deze landbouwers zijn voltijds bezig met het verbouwen van groenten en aardvruchten in het district. Meestal werken zij op gehuurde percelen van Surinamers of in partnerschap met de perceelhouders. Ze hebben geen Surinaamse nationaliteit, en kunnen dus niet in aanmerking komen voor eigen grond.