Na een gesprek over de formering van de nieuwe regering van Suriname, liep Bouterse naar het standbeeld van Jopie Pengel. Hij kijkt naar het standbeeld van Jopie en denkt bij zichzelf ik wordt een nog groter staatsman dan jij en mijn standbeeld zal tig malen groter zijn dan die van jou.
Spottend zegt hij dat ook tegen het beeld van Pengel, wel mi ta vertelwat moet ik doen om groot te worden want je volgeling heeft er niets van gebakken.
Tot zijn stomme verbazing antwoordt Pengel hem, ik zal je veel adviezen geven maar breng eerst een paard voor me zodat ik kan zitten want mn benen zijn al stram van zolang staan.
Bouta schrikt zicht rot en loopt heel hard terug, onderweg komt hij Allendy tegen en vertelt hem wat hem overkomen is. Die denkt in zichzelf "ai dis' lasing keba".
Hij zei ach mang je bent gewoon gestrest, kom we gaan naar het beeld.
Daar aangekomen zegt Allendy "ai Pengel Faf Yu"
Daar antwoordt Pengel "Luku a dong kaw, mi tak tja wang asi dji mi, ai tja wang kaw dji mi"

De 2 mannen kijken elkaar stil aan en lopen heel hard weg.
Voor het Parlements gebouw komen ze Lonny tegen, die vraagt waarom ze zo lijkbleek uit zien. Ze doen hun verhaal en Lonny begint heel hard te lachen en zegt dat keloof ik niet, ik ga even kijken.
Hij gaat naar het standbeeld van Pengel en zegt "eh Yu boi Pengel je mek ding boi fu mi skriki noh?
Waarop Pengel antwoordt "Ai mi Gado, now ding mang sin wang agu dji mi"
